Na pinksteren


Handelingen 19, 2

“Hebt gij de Heilige Geest ontvangen,
Toen gij tot het geloof kwaamt?”

Paulus preekt in EfezeAls deze vraag nu eens aan ons gesteld werd, wat zouden wij dan antwoorden?

“Hebben jullie de Heilige Geest ontvangen?”

Vandaag, twee weken na Pinksteren, een heel terechte vraag aan ons. Net zo terecht, als toen Paulus die vraag stelde aan de mensen in Efeze.

U hebt gehoord, wat er gebeurd is. Apollos, een Joodse man uit Alexandrië, was te Efeze gekomen en had daar met veel succes gepreekt. Hij had zeker de gave van het woord en kennis van de bijbelse geschriften. We kunnen er van op aan, dat die man zijn weetje wist en het Evangelie goed wist uit te leggen aan het volk. De mensen hingen aan zijn lippen! Een man, die Jezus niet persoonlijk had gekend, maar veel over Hem had gehoord en Hem persoonlijk als Messias had erkend. En nu reisde hij net als Paulus als Evangelist rond. Hij preekte de bekering en dat de mensen daarvoor gedoopt moesten worden. Precies zoals Johannes de Doper dat ook in het verleden gedaan had. De mensen moesten berouw krijgen van hun zonden en een ander leven gaan lijden, dan konden ze de Doop ontvangen als teken van Gods vergeving. Die mensen gingen Jezus volgen en vormden samen een kleine Gemeente in Efeze. Toen dat gebeurd was, reisde Apollos verder naar Korinte.

Even later komt Paulus in Efeze aan en hij ontmoet daar die kleine gemeenschap van Christenen. Ik denk dat hij daarover zeer verrast was en natuurlijk ook heel blij. Daar waren mensen, die Jezus waren gaan volgen, geweldig toch! Maar hij ziet ook, dat er iets aan hen ontbreekt: de Heilige Geest! Vandaar de vraag van onze tekst: “Hebben jullie ook de Heilige Geest ontvangen?” Duidelijk wordt ons hier, Gemeente, dat je blijkbaar Gemeente kunt zijn zonder de Heilige Geest. Dat moet ons tot nadenken stemmen! Maar goed, de vraag van Paulus wekt wel verbazing. De mensen van Efeze antwoorden: “Wij hebben zelfs niet gehoord, dat er een Heilige Geest is, hoe kunnen we die dan ontvangen hebben? We begrijpen niet wat u bedoelt.”

Zo’n antwoord zouden wij, die leven ná Pinksteren, niet meer kunnen geven. Wij geloven immers in de Heilige Geest en hebben Zijn komst zo kort geleden nog gevierd. Wij zijn ook gedoopt in de Heilige Geest. Maar toch, die vraag aan u en aan mij: Heeft u ook de Heilige Geest ontvangen? Daar kunnen ook wij na twee duizend jaar niet zo gemakkelijk een antwoord op geven!

Ten eerste moeten we dan bedenken, dat de Heilige Geest een werkelijkheid is. Dat je Hem kunt kennen en ervaren. En dat is al een moeilijk punt. Hoe moeten we Hem ons voorstellen? En hoe kan de Geest herkenbaar zijn in ons leven? Veel mensen maken zich daar niet druk om. Je gaat gewoon naar de kerk en doet je Christenplicht. Maar de Heilige Geest dan? Ach, die is zo ongrijpbaar, hoe moet ik Die nu plaats geven in mijn leven? Terwijl toch eigenlijk, zeker volgens Paulus, de blijdschap en rijkdom van de Geest ons leven zou moeten vullen! De gaven van de Geest, zoals de apostel die noemt: vrede, geloof, liefde, vrijheid en kracht, maken ons leven pas echt waardevol. Want ze geven aan ons leven een hemelse glans, een vrede die alle verstand te boven gaat. Er komt een heerlijkheid en kracht in ons leven, die van binnenuit komt (van Boven) en niet kan worden aangetast door uiterlijke zaken en omstandigheden.

Het is met ons droevig gesteld, als aan ons, nog maar twee weken na Pinksteren, de vraag moet worden gesteld: “Hebben jullie wel de Heilige Geest ontvangen?” Omdat er in ons leven zo weinig van blijkt! Maar hoe weten we dat dan? Kon Paulus dat soms aan de mensen in Efeze zien? Ik denk van wel. Wie de Heilige Geest ontvangen heeft draagt dat op een of andere manier uit. Hij toont namelijk de vruchten van die Geest. Paulus noemt ze allemaal op in Gal.5, 22: liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, goedertierenheid, geloof, zachtmoedigheid, matigheid. Een heel rijtje! Kijkt u er eens na en legt u dit rijtje eens naast uw leven. Wordt het daar herkenbaar? En leg het ook eens naast het Gemeenteleven. Is het daar zichtbaar? Ons leven is zo gewoontjes en ook dat van de Gemeente, het is allemaal zo nuchter en zakelijk, zo menselijk. Er is zo weinig spiritualiteit, zouden we tegenwoordig zeggen.

Als je de Heilige Geest ontvangen hebt, moet je dan niet gezichten zien, visioenen net als Johannes in de Openbaring? Moet je dan niet stemmen horen, buitengewone openbaringen krijgen? Spreken in tongentaal? Moet je God dan niet direct voelen in je hart? Moet je niet duidelijk tot bekering zijn gekomen?

En wij, die zoiets misschien nooit hebben meegemaakt, denken dan al gauw: Ach, het zal voor ons niet zijn weggelegd, het zal alleen bedoeld zijn voor de uitverkorenen van God!

Wat begrijpen we er dan toch weinig van! Wat denken we toch al te menselijk over de Heilige Geest! En wat sluiten we ons toch gemakkelijk voor die Geest toe, als de werkingen ervan niet aan onze verwachtingen beantwoorden. Alsof de Heilige Geest dan niet uitgestort is, alsof we dan al die jaren nooit Pinksterfeest gevierd hebben! Laten we er toch niet meer van maken dan het is.

Witte duifDe Heilige Geest is uitgestort op “alle vlees”, zegt Petrus in zijn Pinkstertoespraak. Zou ú er dan niet bij horen? Ja toch? Maar je moet je er wel voor openstellen. Ook hier geldt het woord van Jezus: “Als jullie het niet ontvangen als een kind, kunnen jullie het niet aannemen, zelfs niet zien, laat staan dat je er in binnen kunt gaan!” Wat voor het Koninkrijk van God geldt, slaat ook op Heilige Geest. Wij moeten ons voor Hem openen, en Hem aannemen.

De Heilige Geest is uitgestort en heeft de Gemeente gesticht en wij allemaal mogen er aan deelnemen. Door de Doop zijn we er zelfs in opgenomen! Wij zijn ontvangers van de Heilige Geest. Maar zijn we ook dragers van de Geest? Is ons leven ook anders dan dat van anderen? Dat moet toch wel zichtbaar zijn! Dat je de Heilige Geest als werkende kracht in je leven hebt! Het is geen wonder, dat veel mensen op dit punt onzeker zijn. Hun leven is er vaak ook naar. Het is toch een wonder, wanneer je door de Geest als ’t ware overgebracht bent uit de dood in het leven. Het is ook een grote verantwoordelijkheid. Het stelt ons voor zware opgaven. Het is geen sinecure om zó te leven als Paulus het ons voorlegt: met vrede, liefde, goedertierenheid, matigheid enz. Onwillekeurig deinzen we daar voor terug! Wat zijn we toch armen mensen. In plaats dat we aan de Heilige Geest ruimte geven in ons leven, gaan we Hem uit de weg.

“Hebben jullie ook de Heilige Geest ontvangen?’

Paulus stelt de vraag aan net zulke Christenen als wij. Zij hebben best wat geleerd van Apollos, ze zijn ook gedoopt en ze stellen zich goed op in het leven. Zij proberen op hun manier Jezus te belijden en te Hem te volgen in hun leven, zoals wij dat ook doen. Toch ontbreekt er iets aan! Paulus merkt dat direct. En hij stelt zijn vragen: “Zijn jullie ook gedoopt met de Heilige Geest; hebben jullie ook de Heilige Geest ontvangen, toen jullie tot geloof zijn gekomen?”

De Heilige Geest, Die ontbreekt er aan!

We kunnen nog zo goed ons best doen om christelijk te leven, we kunnen nog zo goed luisteren naar de preek, en de dominee kan nog zo goed zijn of haar best doen, als de Heilige Geest er niet bij komt, wordt het nooit lévende prediking en een lévend geloof. Hebben wij dat in ons? Dat levende geloof, gevoed door de Geest? En laten wij de vonk ook overspringen, zodat anderen merken: hier is de Heilige Geest, hier is het echte leven! Gaat ook door ons de ademtocht van God, die alles bezielt? Wij hebben daaraan zo’n grote behoefte! Onze Heer is zo rijk, waarom zijn wij dan zo arm? Ons is zó grote blijdschap verkondigd. De engelen riepen het al in de velden van Efrata: Zie, Ik verkondig u grote blijdschap! Waarom zijn wij dan vaak zo neerslachtig en chagrijnig?

Ik weet wel, we leven nog in een wereld, waar de zonde heerst en de dood, de macht van satan. ’t Is allemaal stukwerk hier, gebrekkig en onvolledig. Maar wil dat zeggen, dat alles nu ook maar zo moet blijven zoals het is? Dat er geen verandering mogelijk is? Nee toch! Het KAN anders en het MOET anders. Er kan meer leven zijn en meer werking van de Geest en meer openbaring van eeuwige dingen. Als we eerst maar positief antwoord hebben gegeven op de vraag van onze tekst: Hebt gij ook de Heilige Geest ontvangen? Zijn jullie dan ook echt van plan Hem nauwgezet te volgen in leven en sterven?

Zegt u daar van harte “JA” op, dan verandert er veel in uw leven. Dan geef je ’t over in handen van de Heer. Niet wij zelf hoeven dan zo nodig aan de touwtjes te trekken. Veel, waar wij ons nu nog druk over maken, valt dan weg. Andere dingen komen er voor terug: de nood van je naaste, de eer van God, het aanroepen van de Geest bij al je beslissingen: Heer, wat wilt U dat ik doen zal? Mensen kúnnen veranderen, maar alleen dan als die goddelijke Bijstand hen er bij helpt. En dat wil Hij! Daarvoor hebben wij Pinksterfeest gevierd. Het is elk jaar weer een bevestiging van dat geloofsvertrouwen: dat we zo’n Bijstand hebben, een Trooster, een Leidsman ten leven, de Heilige Geest!

Heeft u hem ook ontvangen?

Amen

Share

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *