|
||||||||||||||||
|
Houdt het dan nooit op?Een mens doet z'n best er over heen te komen, als er verdriet en rouw in zijn leven gekomen is. Maar het is net alsof het steeds erger wordt. Al te gemakkelijk wordt wel eens gezegd, dat tijd alle wonden heelt. Maar de wond, die geslagen is door het verlies van je geliefde, lijkt wel nooit meer te helen.
Ik denk, dat het inderdaad zo is: het houdt nooit op. Wat ooit een pijnlijke wond was, zal eenmaal als je door het ergste verdriet heen bent, een schrijnende herinnering worden. Het verlangen en gemis zal nooit helemaal verdwijnen. Hoe kunnen we elkaar hier troosten? Toch wel in de eerste plaats door begrip te tonen voor die ander met zijn ongelukkige gevoelens en depressiviteit. Het verwerken van touw vergt heel veel tijd, soms jaren. Een enquête onder weduwen en weduwnaren heeft uitgewezen, dat meer dan de helft na 2 jaar nog steeds het gevoel had er niet overheen te zijn. Sommigen leefden na 10 jaar nog in een apart wereldje met de overleden geliefde, dat kunstmatig in stand gehouden werd. Hoevele weduwen en weduwnaren bezoeken ook niet elke dag even het graf van de geliefde? Velen ervaren het als een schuld aan de overledene, als ze hem of haar zouden loslaten. Daarom houden ze alles nog in stand. Ook in huis. Het moet blijven zoals het toen was. Iemand zei eens: "Ik wil haar niet vergeten. Daarom ga ik elke zondag naar het kerkhof en draag ik haar foto altijd bij me. Ik heb ook alles van haar bewaard: haar kleding, haar sieraden en mooie spulletjes. Dat hoort toch zo!" Je kunt niet zo maar vergeten. En dat moet ook niet. Maar het is wel nodig dat je afstand gaat nemen van datgene wat geweest is en nooit meer terug zal komen. Vergeten, nee, dat is onmogelijk. Maar het tot herinnering laten worden, mooie herinnering, en het zó opnemen in je leven, dat het een deel van je zelf wordt, waar je graag aan terug denkt en wat je verrijkt en verdiept. Maar niet blokkeert! Het blijft een deel van je zelf, maar je mag er ook in zekere zin los van komen, zodat je verder kunt en niet door het verleden wordt tegen gehouden. Daar kunnen we misschien aan meehelpen. Daar mag onze troost op gericht zijn. Begrijpen in wat voor een diep dal iemand zit, die zijn levenspartner verloren heeft. De worsteling, die hij moet volbrengen om daar uit te komen. Een hand toesteken. Elkaar niet loslaten, elkaar niet laten vallen, niet alleen laten strijden. In de gaten hebben, wanneer die ander het weer zo moeilijk heeft, de bijzondere dagen die ze samen hadden en die de achterblijvende zo eenzaam maakt. Aandacht blijven geven, ook als 't (naar buiten) lijkt dat het wat beter gaat. Hoe vaak hoor je niet de klacht: "Na verloop van tijd zie je niemand meer, ze denken zeker dat ik er bovenop ben, was het maar zo!" Na een jaar is het misschien nog meer nodig bij een rouwende te zijn dan vlak na de begrafenis. Bel even op of schrijf een briefje, geef even een teken dat je aan hem of haar denkt, zeker op feest- en gedenkdagen zoals Kerst en de vakantietijd, die even zovele pijnlijke herinneringen zijn aan dat wat vroeger zo mooi was, toen je nog samen was. En dan zal het misschien zo ver komen, dat het leven je weer toelacht. Dat je zin gaat krijgen in nieuwe dingen, dat je contacten met anderen niet meer mijdt, maar juist zoekt. Dat je voor 't eerst weer echt lachen kunt. Nu weet je 't: ik mag verder, ik kan verder, ik kan er verder mee leven, het doet me nog wel pijn maar ik kan er nu tegen, ik zie ook de andere kant van het verdriet dat me getroffen heeft, ik ben er een rijker mens door geworden, nu kan ik ook andere mensen begrijpen, die zoiets hebben meegemaakt. Als we elkaar daar bij kunnen helpen en begeleiden, dat het zó ver komt, dan zijn we goede troosters. Dat je eigen geloof daarbij een belangrijke rol speelt is vanzelfsprekend. Het je gedragen weten door de liefde van God in Christus geeft je de kracht om ook zelf de liefde te betonen, drempels te overschrijden, weerstanden te overwinnen, geduld te hebben tot het uiterste... en bovenal met die ander mee te gaan in het diepe dal en hem op te dragen in je gebed. De trooster moet ook zelf getroost worden. En hoe kan dat beter dan met de woorden van de Schrift, die ons Gods troost nabij brengen? Daarom volgende week enkele van die troostrijke Schriftwoorden. |
|
||||||||||||||
|
|
|
|
||||||||||||||