DE DOMINEE

Een maand na pastor Veenendaal
Kwam uit een Wijk, diet aan de Waal,
De dominee met zijn gezin
Van man en vrouw en hun gewin.
Hoewel in Waalwijk goed geboerd
En in 't rayon flink rondgetoerd
In een mooi' en snelle wagen,
Kwam Schoten het beroep aandragen,
Nadat acht man in tweemaal vier
Hun licht verstrekten in 't vizier
Van pastor Kroes en ook zijn vrouw,
Die na beraad, het was al gauw,
Liet weten, dat ze zouden komen
Van Brabant naar de Spaarnezomen.

En dat ging zo:

Het was, nog geen vier jaar geleden,
Dat vier van ons naar Baardwijk reden.
Wat zegt u? Waalwijk? Ja, dat dacht ge,
Maar die Zondagmorgen bracht ge
De Boodschap in de kleine kerk
Van Baardwijk, waar uw kerk'lijk werk
Ook lag, naar 'k meen, als consulent,
Dat weet ik niet zo pertinent.
U zou daar een'ge kind'ren dopen;
Dat moest ons vieren dus wel nopen
Een plaats te zoeken in een bank,
Waarin we, tegen wil en dank,
Wel nauw en zeer verlegen zaten,
Maar... we hielden u goed in de gaten.
We waren immers hier gekomen
Om u, vergeef, te horen bomen.

Er kwam aan deze dienst een einde,
Wij zelf kwamen van ver en heinde.
Dus togen wij door 't hek naar buiten
Om daar wat later af te stuiten
Op dominee, die met zijn koffer
Toen wel al dacht: ik word een boffer;
Al bijna zeven jaren hier,
't wil ook wel eens wat meer plezier.
Ik hoop maar, dat ze mij gaan roepen,
Waarom toch anders die hoorgroepen?

“Bent u 't gespuis uit Haarlem-Schoten?
En... hebt u van mijn preek genoten?
Zo ja, rij mij dan achterna,
Misschien zeg ik meteen wel "ja".

Enfin,'t was niet zo heel veel later,
Dat dominee, zo vlug als water,
In Schoten al kwam kennismaken,
Om goed met ons bekend te raken.
Hij heeft het toen wel goed bekeken,
't hier met een circus vergeleken,
Want zei hij ('t klonk niet zo vroom):
De kerk lijkt wel een hippodroom!

't Is sedertdien wel uitgekomen:
't Is hier geen kerk alleen voor vromen.
Dit klonk niet erg serieus,
We namen u maar bij de neus.

Terug naar "Herinneringen aan de Julianakerk in Haarlem"
Copyright 2010 Pastorale Kroes